direct naar inhoud van Artikel 2 Wijze van meten
Plan: FRISIA-VLIET-TUINEN
Status: onherroepelijk
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.00700000BPFRAFRVLTU2009-

Artikel 2 Wijze van meten

 

Bij onduidelijkheden of interpretatieverschillen betreffende de wijze van meten is de uitleg van NEN2580 (oppervlakten en inhouden van gebouwen, termen en definities en bepalingsmethoden) bepalend.

 

Bij de toepassing van deze voorschriften wordt als volgt gemeten:

1.      de (bouw)hoogte/ nokhoogte van een bouwwerk:

vanaf het peil tot aan het hoogste punt van het bouwwerk, ondergeschikte bouwdelen als antennes, liftkokers, schoorstenen, luchtkokers, lichtkappen, en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwdelen niet meegerekend;

2.      de goothoogte van een bouwwerk:

vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot, c.q. de druiplijn, het boeibord of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel, ondergeschikte bouwdelen als goten van dakkapellen niet meegerekend;

3.      de dakhelling:

langs het dakvlak ten opzichte van het horizontale vlak;

4.      de oppervlakte van een bouwwerk:

de buitenwerkse verticale projectie van het bouwwerk, waarbij de bovengrondse bouwdelen vanaf 1,00 m boven peil worden meegerekend, uitgezonderd ondergeschikte bouwonderdelen zoals goten en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen met een maximale oversteek van 75 cm;

5.      de inhoud van een bouwwerk:

tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen;

6.      de afstand tot de zijdelingse perceelsgrens:

de kortste afstand vanaf enig punt van een bouwwerk tot de zijdelingse perceelsgrens.