direct naar inhoud van Artikel 24 Verkeers- en verblijfsdoeleinden
Plan: Franeker - Binnenstad
Status: vastgesteld
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.00700000BP031703-

Artikel 24 Verkeers- en verblijfsdoeleinden

 

24. 1.    Bestemmingsomschrijving

De op de kaart voor verkeers- en verblijfsdoeleinden aangewezen gronden zijn bestemd voor:

a.    wegen en straten;

b.    voet- en rijwielpaden;

met daaraan ondergeschikt:

c.    terreinen voor markten en overige tijdelijke, al dan niet periodieke evenementen;

d.    parkeervoorzieningen;

e.    groenvoorzieningen;

f.     speelvoorzieningen;

g.    sloten, bermen en beplanting;

met de daarbijbehorende:

h.    garageboxen, indien de gronden op de kaart zijn voorzien van de aanduiding “garageboxen toegestaan”;

i.      pylonen, indien de gronden op de kaart zijn voorzien van de aanduiding “pylonen toegestaan”;

j.      overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde.

24. 2.    Bouwvoorschriften

24. 2. 1. Voor het bouwen van garageboxen gelden de volgende bepalingen:

a.    garageboxen zullen worden gebouwd binnen het gebied dat op de kaart is voorzien van de aanduiding “garageboxen toe­gestaan”;

b.    de oppervlakte van een garagebox zal ten hoogste 20 m² bedra­gen;

c.    de hoogte van een garagebox zal ten hoogste 3,50 m bedra­gen.

24. 2. 2. Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende bepalingen:

a.    pylonen mogen uitsluitend worden gebouwd voorzover de gronden op de kaart zijn voorzien van de aanduiding “pylonen toegestaan”;

b.    de hoogte van de pylonen zal ten hoogste 23,00 m bedragen;

c.    de hoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zal ten hoogste 6,00 m bedragen.

24. 3.    Nadere eisen

Burgemeester en Wethouders kunnen, ten behoeve van de ver­keersveiligheid en de gebruiksmogelijkheden van de aangren­zende gronden, nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetin­gen van de bebouwing.


24. 4.    Gebruiksvoorschriften

24. 4. 1. Het is verboden de gronden en bouwwerken te gebruiken of te laten gebruiken op een wijze of tot een doel, strijdig met deze bestemming.

24. 4. 2. Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming, zoals be­doeld in lid 24.4.1., wordt in ieder geval gerekend:

a.    het gebruik van de gronden als (horeca)terras;

b.    het gebruik van de gronden voor de stalling en opslag van (aan het oorspronkelijk gebruik onttrokken) voer-, vaar- en/of vlieg­tuigen;

c.    het gebruik van de gronden voor de opslag van schroot, af­braak- en bouwmaterialen, grond, bodemspecie en puin en voor het storten van vuil;

d.    het gebruik van de gronden en bouwwerken ten behoeve van seksinrichtingen;

e.    het gebruik van de gronden als standplaats voor kampeermid­delen.

24. 4. 3. Burgemeester en Wethouders verlenen vrijstelling van het bepaalde in lid 24.4.1., indien strikte toepassing daarvan zou leiden tot een beperking van het meest doelmatige gebruik, welke beperking niet door dringende redenen wordt gerechtvaardigd.

24. 5.    Vrijstelling van de gebruiksvoorschriften

Burgemeester en Wethouders kunnen, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de woonsituatie, de verkeersveiligheid en de gebruiksmoge­lijkheden van de aangrenzende gronden, vrij­stelling verlenen van:

-       het bepaalde in lid 24.4.2. sub a juncto lid 24.4.1. en toestaan dat de gronden tevens worden gebruikt ten behoeve van (horeca)ter­rassen, mits:

1.    het betreft gronden die grenzen aan een horecabedrijf;

2.    de oppervlakte van een (horeca)terras ten hoogste 150 m² bedraagt.

24. 6.    Strafbepaling

Overtreding van het bepaalde in lid 24.4.1. wordt aangemerkt als een strafbaar feit in de zin van artikel 1a onder 2° van de Wet op de economische delicten.

24. 7.    Wijzigingsbevoegdheid

Burgemeester en Wethouders kunnen, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de cultuurhistorische en ruimtelijke waarden van het Beschermd Stadsgezicht, het straat- en bebouwingsbeeld, de verkeersveiligheid, de sociale veiligheid en de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden, het plan wijzigen in die zin dat:


-       voorzover de gronden op de kaart zijn voorzien van de aanduiding “wijzigingsbevoegdheid van toepassing” (Sjaardemastraat), de op de kaart aangegeven bouwvlakken, aanduidingen en bouwklassen binnen de bestemming “Gemengde doeleinden 2” worden gewijzigd, alsmede dat de bestemming “Verkeers- en verblijfsdoeleinden” wordt gewijzigd, met dien verstande dat:

1.    het gebied zal worden bestemd voor detailhandel (waaronder supermarkten), kantoren, wonen en/of, al dan niet ondergronds, parkeren;

2.    bij het bouwen aan het Bolwerk het verlaagde Bolwerk in de oude toestand dient te worden hersteld;

3.    de bouwhoogte van de gebouwen aan het Bolwerk ten hoogste 8,00 m zal bedragen, namelijk 1 bouwlaag met een kap of een terugliggende bouwlaag, gemeten ten opzichte van de bovenzijde van het aangrenzende Bolwerk;

4.    de bouwhoogte van gebouwen aan het Hocquart ten hoogste 6,00 m zal bedragen, namelijk 1,5 bouwlaag ten opzichte van de bovenzijde van het Bolwerk;

5.    de gevellijn aan de westzijde van de Sjaardemastraat dient te worden versterkt;

6.    de bouwhoogte van de gebouwen aan de Sjaardemastraat ten hoogste 10,00 m zal bedragen, waarbij een hoogteaccent mogelijk is;

7.    de hoofdvoorgevel van de gebouwen aan de zijde van de Sjaardemastraat dient te worden gerealiseerd, aan de zijde van het Sjûkelan sprake dient te zijn van een zijgevel en aan de Bolwerk-zijde zowel een voor- als een achtergevel is toegestaan mits deze gevel ondergeschikt blijft aan de gevel aan de Sjaardemastraat;

8.    de bebouwing aan de Bolwerk-zijde dient te worden onderbroken;

9.    voorzien dient te worden in een langzaamverkeers-verbinding van de Sjaardemastraat naar de Ypeysingel v.v.;

10.  afstemming dient plaats te vinden met het gemeentelijke Woonplan;

11.  niet met de nieuwbouwwerkzaamheden mag worden begonnen alvorens een aanvullende bodemsanering heeft plaatsgevonden.

24. 8.    Wijzigingsprocedure

Op de voorbereiding van een ontwerp-besluit tot wijziging op grond van lid 24.7., is de volgende procedure van toepassing:

 

a.    het ontwerp-besluit tot wijziging, waarbij toepassing wordt gege­ven aan het bepaalde in artikel 11 van de Wet op de Ruim­telijke Ordening, ligt, met bijbehorende stukken, gedu­rende 4 weken op het gemeentehuis ter inzage;


b.    Burgemeester en Wethouders maken de terinzagelegging van te voren in één of meer dag- of nieuwsbladen, die in de ge­meente worden verspreid, en voorts op de gebruikelijke wijze, bekend;

c.    de bekendmaking houdt mededeling in van de bevoegdheid tot het indienen van zienswijzen;

d.    gedurende de in sublid a genoemde termijn kunnen belang­heb­benden bij het college van Burgemeester en Wet­houders schriftelijke zienswijzen indienen omtrent het ontwerp-besluit tot wijziging.